Regulering van zorgberoepen

De Wet BIG vormt sinds 1993 het hart van de regulering van beroepen in de zorg. In 2013 is de Wet BIG (voor de tweede maal) geëvalueerd. De onderzoekers concludeerden toen dat er geen fundamentele herziening van het systeem van de wet noodzakelijk is om haar toekomstbestendig te maken.

logo BIG-register

Inmiddels zijn we echter vijf jaar verder en rijzen er vragen over de houdbaarheid van deze wet op de langere termijn. De Wet BIG schuurt als gevolg van verschillende maatschappelijke ontwikkelingen steeds meer met de praktijk van zorgverlening. Denk bijvoorbeeld aan het gegeven dat zorg steeds meer in netwerkverband wordt geleverd, terwijl de Wet BIG de individuele zorgverlener als aangrijpingspunt heeft. Of aan de ontwikkeling van zorg op afstand met behulp van nieuwe technologieën, terwijl de Wet BIG uitgaat van individuele gezondheidszorg en daarmee direct of rechtstreeks patiëntencontact veronderstelt. Daarom heeft Minister Bruins voor Medische zorg en Sport de RVS gevraagd hem te adviseren over de toekomstbestendigheid van de Wet BIG.

De RVS is onlangs gestart met de adviesvoorbereiding. De eerste fase van het adviestraject moet uitmonden in een discussienotitie, waarin de Raad de kernelementen van de huidige beroepenregulering aan een analyse onderwerpt en alternatieven voor gesignaleerde knelpunten opwerpt. Deze notitie dient als input voor een brede veldraadpleging in het najaar van 2018. De reacties vormen mede de basis voor het advies van de Raad, waarin verschillende modellen van beroepenregulering worden gepresenteerd. De Raad beoogt hiermee de discussie over de toekomstige inrichting van de beroepenregulering aan te zwengelen.

Het advies zal in het voorjaar van 2019 verschijnen.

Projectleider

Marina de Lint